top of page

Musical in Vlaanderen

geschiedenis van de Vlaamse musical.

Musical in Vlaanderen

De musical is binnen het Vlaamse theaterlandschap altijd een buitenbeentje geweest. Vele cultuurliefhebbers zijn er dol op, maar er is ook een grote groep mensen die het allemaal maar niets vindt.


Vooroordelen over mannen die zich als vrouwen verkleden, domme verhaaltjes met domme dansjes of “musical is enkel iets voor vrouwen” steken al snel de kop op. En je bent als kritische theaterganger niet snel geneigd om een duur ticket te kopen voor iets waar je niet zeker van bent of je het wel goed zal vinden.


Dit zijn een aantal zaken die maken dat musicals geen evidente keuze zijn om te maken, desondanks heeft Vlaanderen een rijke musicalgeschiedenis waar u hieronder een beknopt overzicht van krijgt.

"Vlaanderen is een te kleine markt om zelfstandig grote musicals te produceren, maar als deel van een groter Europees geheel is Vlaanderen wel een interessant gegeven voor internationals zoals Stage entertainment."

De beginjaren

Algemeen wordt aangenomen dat de eerste zaadjes van de Vlaamse musicalgeschiedenis gezaaid werden bij Theater Arena in Gent. In de vroege jaren werden hier dramaturgische pareltjes zoals “De meiden” (Genet), “De nonnen” (Manet) en “Huis Clos” (Sartre) gespeeld.


Vanaf 1975 werd er echter resoluut gekozen voor muziektheater waarbij er doorheen de jaren opvoering plaatsvonden van “La cage aux folles”, “Foxtrot”, “Driestuiversopera”, en vele anderen. In 1984 vond de première plaats van “Jesus Christ Superstar” wat een zeer groot succes bleek te zijn.


De daaropvolgende producties van “Grease” en “La cage au jazz” konden echter op minder bijval rekenen. In 1985 werd Arena opgedoekt waarna het personeel grotendeels werd toegevoegd aan het Ballet van Vlaanderen om daar de musicalafdeling te vormen.


Koninklijk ballet van Vlaanderen

Linda Lepomme
Linda Lepomme

Één van de spilfiguren van Theater Arena was Linda Lepomme, zei werd na het opdoeken van Arena artistiek directeur van de musicalafdeling van het koninklijk Ballet van Vlaanderen.


In de beginjaren van deze musicalafdeling was er voornamelijk plaats voor grote repertoirestukken zoals “My fair lady”, “Jezus Christ Superstar”, “Evita”, “Hello Dolly”, “A Fiddler on the roof”, enz.


Het was bij deze musicalafdeling dat vele mensen, zoals Hans Peter Janssens en Franck van Laecke hun eerste stappen in de musicalwereld zetten.


De gouden jaren

Eind de jaren 90 besloot het toen nog jonge Music Hall om grote internationale topproducties naar Vlaanderen te halen.


In 1996 was dat de Musical “Cats” die in samenwerking met de Nederlandse Joop Van den Ende het Vlaamse publiek mocht bekoren, met 170.000 verkochte tickets was dit een ongezien record. Even later zou dit record ruim verbroken worden met 350.000 tickets voor het internationaal vermaarde “Les Misérables”. Ook op artistiek gebied was “Les mis” in Vlaanderen een ongezien succes.


Na “Les Misérables” was het in 1999 de beurt aan “The phantom of the opera” om de Antwerpse stadsschouwburg onveilig te maken.


Het musical-sprookje kon helaas niet blijven duren en met een grotendeels buitenlandse cast werd “The Phantom” een flop en moest vervroegd de deuren achter zich sluiten. De voorstelling zou amper 250.000 kaartjes verkopen, heel wat minder dan zijn voorganger “Les Misérables” en zwaar onder de beoogde 500.000 tot 600.000 bezoekers.


Music Hall stond op dat moment aan de rand van het faillissement, maar wist alsnog te overleven. “De gouden jaren” waren hiermee voor zowel Music Hall als voor de Vlaamse musical in het algemeen definitief afgelopen.


In diezelfde periode startte Studio 100 met een jaarlijkse traditie om rond de paasvakantie een familiemusical op de planken te brengen. “Sneeuwwitje” was hierbij hun eersteling, waarbij u zich vast nog het kusincident van Sanne herinnerd. Later zouden nog producties als “Assepoester”, “Pinokkio”, “Doornroosje”, “De kleine zeemeermin”, enz. volgen.


De jaren 2000

In 2001 zouden maar liefst vijf groots opgezette musicalproducties strijden om de gunst van het Vlaamse publiek. “Kuifje – De Zonnetempel”, “Ben”, “Camelot”, “De préhistorie van de musical” en “Robin Hood”.


Enkel “Kuifje – De zonnetempel” (Tabas & Co / Moulinsart) een groots opgezette productie met internationale allure slaagde er met 150.000 bezoeker in om volle zalen te trekken.


De internationale reisplannen van deze musical, die nodig waren om het geïnvesteerde geld terug te verdienen, konden helaas niet doorgaan door technische, financiële en organisatorische moeilijkheden.


“Camelot” (Music Hall), “De préhistorie van de musical” (KbvV) en “Robin Hood” (Studio 100) kenden een matig succes. Robin Hood was echter op artistiek vlak een meer dan geslaagde productie voor Studio 100.


De musical “Ben” kende helaas een dramatisch einde en eindigde met een faillissement.

Door een beslissing van toenmalig cultuurminister Paul van Grembergen verloor de musicalafdeling van het koninklijk Ballet van Vlaanderen haar subsidies.


Na het wegvallen van deze musicalafdeling in 2003 en de financiële moeilijkheden bij Music Hall bleef er maar weinig continuïteit over in de Vlaamse musicalwereld.


Enkel Studio 100 die zich bleef bezighouden met het maken van kwalitatieve familiemusicals wist het hoofd nog boven water te houden.


Hun eerste poging om zich te richten op de volwassenenmarkt met “Bloedbroeders” was echter een minder groot succes. Hoewel de musical kwalitatief zeer goed zat bleef het grote publiek toch weg. Algemeen genomen kan er gesteld worden dat de jaren 2000 de meeste Vlaamse musicalproducenten een financiële kater bezorgde.


De magere periode

Romeo en Julia

Music Hall deed tevergeefs een poging om opnieuw een grote internationale productie naar Vlaanderen te halen met “Romeo en Julia – van haat tot liefde”, van de Franse Chansonnier Gérard Presgurvic.


In tegenstelling tot de musicals die we hier gewoon zijn in Vlaanderen was dit een musical uit een andere traditie als de Angelsaksische musicalcultuur. Music Hall NV ging failliet. Maar de iets stabielere Music Hall Group kon wel overeind blijven.


Langs een heleboel omwegen, en met de steun van een speciaal fonds kon “Geert Allaert theaterproducties” het meesterwerk “Dracula” van Karel Svoboda in 2006 naar Vlaanderen halen. De productie die het evenwel met weinig middelen moest doen, was sinds jaren een artistiek hoogtepunt.


Ook Studio 100 leek in deze periode op de terugweg. De publieke belangstelling daalde en ook artistiek leken de producties over hun hoogtepunt heen.




Over de grenzen heen

De Vlaamse musicalwereld leek op sterven na dood tot plots in 2006 de musical “Mamma mia” vanuit Nederland kwam aanwaaien. Met 150.000 bezoeker was deze productie een succes, het was al van 2001 geleden dat een musical op zoveel kijklustigen kon rekenen.


Ook meteen na deze productie stond er al een opvolger klaar met “Beauty and the beast”. Blijkbaar is Vlaanderen een te kleine markt om zelfstandig grote musicals te produceren, maar als deel van een groter Europees geheel is Vlaanderen wel een interessant gegeven voor internationals zoals Stage entertainment.


De vette jaren

In de zomer van 2007 keerde de grootste Vlaamse musicalproductie tot dan toe terug. “Kuifje – De zonnetempel” trok langs het vernieuwde Kursaal Oostende en opnieuw naar de stadsschouwburg van Antwerpen.


Ook Suske en Wiske maakten hun opwachting met een nieuwe musical en studio 100 richtte zich weer op een volwassenenpubliek met hun prestigeproject “Daens” dat opgevoerd werd in het voormalig postsorteercentrum Antwerpen X.


In diezelfde tijd maakte het van oorsprong Lierse Judas theaterproducties zijn langverwachte overstap naar het professionele circuit. Zij brachten in hun beginjaren het artistieke pareltje “The last five years”.


Om zich vervolgens te smijten op eigen creatief hoogstaande producties als “Ganesha – een perfecte god”, “Lelies”, “Josephine B”, “Pauline & Paulette”, “De muze van Rubens”, “Muerto” en “De rozenoorlog.”


Omstreeks 2010 ontstaat “Musical van Vlaanderen” door middel van subsidies van de overheid is deze vzw in staat om een reeks groots opgezette musicals los te laten op Vlaanderen.


Zo werden “Elisabeth”, “Dans der vampieren”, “Notre-dame de paris”, “Tell me on a Sunday”, "Oliver", "Spamalot" en "Fiddler on the roof" ten tonele gebracht. Deze subsidies werden in eerste instantie aangevochten door het ongesubsidieerde Studio 100 en STIMHUL, maar Musical van Vlaanderen won deze zaak en kon doorgaan met het produceren van zijn musicals.


Successen en strubbelingen

Omstreek 2013 zijn de vette jaren voor de Vlaamse musical afgelopen. Geert allaert, artistiek leider van Musical van Vlaanderen stapt op nadat hij in opspraak is gekomen na vermeende belangenvermenging bij de financiering van de musical “Assepoester – het tamelijk ware verhaal”.


Deze werd geregisseerd door Artistiek adviseur van Musical van Vlaanderen, Stanny Crets. Musical van Vlaanderen kreeg voor die musical onder meer een 'projectsubsidie' van 850.000 euro van Vlaams minister van Cultuur Joke Schauvliege, ondanks een vernietigend advies van de beoordelingscommissie.


Een van de kritische punten van die commissie ging over de verregaande verstrengeling tussen vzw Musical van Vlaanderen en de nv Music Hall, dat musicals programmeert en zalen exploiteert. In beide organisaties was Geert Allaert de terugkerende factor.


In de nasleep van dit alles gaat Musical van Vlaanderen verder als Theater publiek onder leiding van Stanny Crets. Geert allaert zou enkel nog optreden als promotor vanuit Music Hall Group. In 2014 produceert Studio 100 na het succes van de musical Daens een opvolger in de gedaante van "14-18", het zou een technisch huzarenstukje worden met gps-gestuurde decorstukken en een tribune die vooruit en achteruit rijdt.


Deze beschrijving zou al snel vergelijkingen met de Nederlandse musical Soldaat van oranje uitlokken. "14-18" zou afklokken op 335.000 bezoekers en komt daarbij aardig in de buurt van het op dit moment bekeken onwaarschijnlijk hoge aantal bezoekers van “Les misérables”.


Op 1 Juli 2016 raakte bekent dat Judas theaterproducties door een beslissing van toenmalig cultuurminister Sven Gatz geen structurele subsidies meer zou ontvangen voor de periode 2016 – 2021, ondanks een positief advies van de commissie.


De laatste musical die het productiehuis maakte met steun van de overheid was “de rozenoorlog”.


Door deze financiële tegenvaller moest het productiehuis zich beroepen op andere mogelijkheden om op dezelfde manier kwalitatief hoogstaande musicals te blijven maken, zo organiseerden ze op 30 juni 2016 een benefietconcert onder de naam “sound of Judas”.


Tijdens deze avond zouden enkele grote namen in de musicalwereld als Hans peter Janssens, Ann Van Den Broeck, Carolina Dijkhuizen, Maike Boerdam, Jan Schepens en vele anderen nummers brengen uit musicalcreaties als “Lelies”, “Josephine B.”, “Ganesha”, “Pauline & Paulette”, “De Muze van Rubens” en “De Rozenoorlog”.


Ook een steunactie om vriend te worden van Judas werd die avond gelanceerd. Door het wegvallen van deze subsidies zou Judas verder moeten gaan in een afgeslankte vorm. Met minder middelen, maar evenveel creatieve inzet brachten ze in 2017 een gloednieuwe musicalcreatie “Goodbye Norma Jeane”.


Oude bekende en nieuwe spelers

In 2017 ontstond het gloednieuwe productiehuis Deep Bridge. Met producties als “De ridders van de ronde keukentafel”, “The rocky horror picture show” en "Spamalot" brachten zij opnieuw grote musicalproducties naar Vlaanderen.


Maar ook nieuwe creaties van eigen boden als “Doornroosje” en “Meisjes en jongens” zagen bij dit productiehuis het levenslicht. Op 7 oktober 2018 ging de nieuwste musicalcreatie van Studio 100 “40-45” in première.


In een speciaal voor deze productie opgebouwd pop-up theater in Puurs werden 8 rijdende tribunewagens ondergebracht, in combinatie met bewegende led-schermen en podiumwagens werd het mogelijk om een unieke theaterervaring te creëren.


Om praktische problemen die een rijdende tribune met zich meebracht te vermijden beschikt iedere zitplaats op deze tribunewagens een hoofdtelefoon waardoor het publiek zonder problemen de hele voorstelling kan volgen.


Op 15 februari 2019 werd bekend gemaakt dat de productie al 565.000 tickets heeft verkocht, en nog loopt tot 2020, hiermee heeft Studio 100 het bezoekersrecord dat vanaf de beginjaren op naam van “Les misérables” in Vlaanderen stond verpulverd.


Hoewel musical voor Studio 100 een enorm succes blijkt te zijn bracht het voor Judas theaterproducties in 2019 met “Iedereen beroemd” opnieuw een tegenslag. Het grote publiek bleef weg voor deze musicalcreatie gebaseerd op de film van Dominique Deruddere en moest vroegtijdig de deuren sluiten. Ook de geplande tour van deze productie werd geannuleerd.


Voor een break-even waren 13.500 verkochte tickets nodig, maar de teller stokte op 7.600 stuks.

Sam Verhoeven, artistiek directeur van Judas theaterproducties liet optekenen dat Judas niet in z’n voortbestaan is bedreigd, maar het zal anders moeten.


“Onze nieuwe musical, ‘Festen’, zal intiemer worden”, zegt Sam. “Geen grote technische toestanden meer, dat geeft mogelijkheden om te toeren.” Ook Music Hall blijft in deze tijd overeind en brengt naast enkele oudgediende producties als “Annie” en “Fiddler on the roof” ook buitenlandse topproducties zoals “Mozart” naar Vlaanderen.


Ook maken zij plaats voor nieuwe Vlaamse creaties als “Scrooge”. Sinds 2017 zijn zij ook gestart met een jaarlijkse traditie van musicalconcerten onder de naam “The best of musicals”.


Subsidies, besparingen en covid

Eind 2019 besliste Vlaams minister-president Jan Jambon, die ook verantwoordelijk is voor Cultuur dat liefst 60 procent van de projectsubsidies in de cultuursector geschrapt zouden worden. Het zou een mokerslag zijn voor de Vlaamse theaterwereld en al zeker voor de toekomst van de Vlaamse musical.


De koepel voor de kunstensector oKo stelde zich ernstige vragen bij de voorgestelde besparingen. 'Een dermate grote besparing blokkeert de toekomst van de kunsten', klonk het. 'En een echt alternatief is niet voorhanden'. De sector vraagt Jambon om de projectsubsidies snel terug op peil te brengen. Ook de Vlaamse oppositiepartijen PVDA en Groen waren kritisch.


'De Vlaamse regering bespaart de kunstensector gewoon kapot. Voor minister van Cultuur Jan Jambon (N-VA) is kunst alleen relevant als protserig paradepaardje voor een nationalistisch Vlaanderen. Kritische en vernieuwende kunstenaars moeten inleveren en zwijgen', zei Vlaams PVDA-parlementslid Tom De Meester hierover.


Na protest van de cultuursector, draaide Jambon de beslissing begin 2020 deels terug. In de cultuurcommissie van het Vlaams parlement kondigde Jambon aan dat na de begrotingsaanpassing vier miljoen euro extra wordt vrijgemaakt voor de projectsubsidies van organisaties en kunstenaars in 2020. De sector reageerde toen positief.


Begin 2020 ging de Vlaamse musicalwereld zijn gewone gang. Studio 100 ging in première met zijn herneming van Daens, dat deze keer werd opgevoerd met de gekende technieken achter spektakelmusical 40-45.


Ook Deep Bridge speelde zijn eigen versie van de succesmusical Mamma Mia. Judas theaterproducties maakte bekent dat ze hun Vlaamse-musicalprijzen-winnende musical Ganesha weer op de planken zouden brengen. En vele andere musicalgezelschappen maakte zich ook klaar voor nieuwe voorstellingen.

"De enige uitweg was om alle voorstellingen te annuleren of uit te stellen naar een latere datum."

Maar toen brak de hel los, het covid-19 virus verlamde het hele land, en dus ook de musicalsector. In eerste instantie was er sprake dat voorstellingen geen publiek mochten ontvangen boven de 1000 toeschouwers.


Onder andere Deep Bridge probeerde deze nieuwe regeling te respecteren en halveerde de zaalcapaciteit van de Antwerpse Stadsschouwburg. Maar al snel bleek het virus een grotere invloed te gaan hebben dan eerst gehoopt.


De enige uitweg was om alle voorstellingen te annuleren of uit te stellen naar een latere datum. Maanden later, toen bleek dat het virus nog lang niet zou verdwijnen moesten er alternatieven gezocht worden om Musical tot bij de mensen te kunnen brengen.



"Langzaam maar zeker begon het leven terug zijn draai te vinden."

Live voorstellingen waren in eerste instantie praktisch onmogelijk omdat deze nooit rendabel zouden zijn. In het fakkeltheater werden kleinschalige musicalconcerten georganiseerd onder de noemer “drie X in het klein” voor een beperkt publiek, deze zouden gelijktijdig worden gestreamd voor een betalend thuispubliek.


Gepland was dat deze voorstellingen drie weekeinden zouden spelen met ieder weekeind een nieuwe bezetting. Slechts twee weekeinden zijn kunnen doorgaan door een verstrenging van de maatregelen. Om deze leegte op te vangen werden een aantal succesmusicals gestreamd van Judas theaterproductie en musicalfactory.


Zo kon het thuispubliek genieten van Lelies in symfonie, November 89 en De Rozenoorlog. Helaas waren deze alternatieven slechts een pleister op een bloedende wonde en zou het afwachten blijven tot er opnieuw kon genoten worden van live musicals.


Heropleving en hernemingen

Langzaam maar zeker begon het leven terug zijn draai te vinden. Ook voor de musicalsector kwamen er versoepelingen, eerst voorzichtig, zodat musicalvoorstellingen met beperkte capaciteit en mondmasker konden bijgewoond worden, om op 7 maart 2022 uiteindelijk het verlossende nieuws te krijgen dat er geen maximumcapaciteit of mondmaskerplicht meer gelde.


Studio 100 hervatte zijn opvoeringen van 40-45 en Daens en bracht de nieuwe productie Vergeet Barbara met de muziek van Will Tura, deze laatste werd door sommigen ook wel de Vlaamse Mamma Mia genoemd.


De versie van Mamma Mia die Deep Bridge voor de donkere corona-periode op het podium bracht kreeg ook een herneming en Judas theaterproducties kondigde een herneming aan van hun succesproductie Josephine B.


Op 30 Juni 2022 volgde er helaas opnieuw dramatisch nieuws voor de Vlaamse musical. Judas Theaterproducties kondigde aan dat, door het wegvallen van werking subsidies, Josephine B. meteen ook hun laatste productie zou worden.


Het gezelschap heeft beslist dat Josephine B. de allerlaatste Judas-musical zal worden. Op 8 december 2022 wordt de laatste voorstelling van Josephine B. gespeeld en op die dag valt het doek onherroepelijk. Er zullen vanaf dan geen nieuwe producties meer gemaakt worden” aldus Sam Verhoeven. De creatieve pareltjes die Judas in vijftien jaar creëerde blijven echter wel voortleven door opvoeringen van andere gezelschappen.


Studio 100 bracht op 3 Juli 2022 zijn laatste voorstelling van 40-45, met meer dan 750000 bezoekers werd deze productie de succesvolste Vlaamse musical ooit.


Nieuwe successen en nieuwe spelers

Op 19 maart 2023 ging in het Studio 100 Pop-Up Theater de spektakelmusical “Red Star Line” in wereldpremière. Vanaf 23 maart begon de reguliere speelreeks. Net als bij “40-45” en “Daens” werd opnieuw gebruikgemaakt van de rijdende tribunes, hoofdtelefoons en grote bewegende decors. Het publiek vond opnieuw massaal de weg naar Puurs. Na meer dan 200 voorstellingen en 335.000 bezoekers viel uiteindelijk het doek over “Red Star Line”.


Dat de Vlaamse musical na corona opnieuw springlevend was, bleek datzelfde jaar nog op een andere manier. In oktober 2023 keerde “Les Misérables” na 25 jaar terug naar de Antwerpse Stadsschouwburg. De productie kwam vanuit Nederland naar Vlaanderen en was een samenwerking tussen Studio 100, De Graaf & Cornelissen Entertainment en Van Lambaart Entertainment. Voor de Vlaamse voorstellingen werden onder anderen Jonas Van Geel, Nordin De Moor, Ianthe Tavernier en Goele De Raedt aan de cast toegevoegd. De Antwerpse speelreeks was volledig uitverkocht en kreeg een vervolg in Gent en opnieuw Antwerpen.


Hiermee werd eigenlijk nogmaals bewezen wat in de Vlaamse musicalgeschiedenis al verschillende keren duidelijk was geworden. Vlaanderen mag dan een kleine markt zijn, een samenwerking met Nederland maakt grote internationale titels plots een stuk haalbaarder.

Maar ook voor nieuwe Vlaamse creaties bleef er plaats. Deep Bridge bracht in het najaar van 2023 de kleinschalige nieuwe musical “You Are My Sunshine” in het Fakkeltheater. De muziek werd geschreven door Ann Van den Broeck en het verhaal door Stany Crets. Een groot contrast met de gigantische spektakelproducties in Puurs, maar net dat contrast toonde hoe breed de Vlaamse musical ondertussen opnieuw geworden was.


Ook een nieuwe speler liet steeds nadrukkelijker van zich horen. Backstage Producties bracht in het voorjaar van 2023 “Pocahontas” naar Theater Elckerlyc en Capitole Gent. Begin 2024 volgde “Gaston & Leo, De Hommage Musical”, geschreven door Frank Van Laecke en Kobe Van Herwegen en geregisseerd door Van Laecke. Warre Borgmans en Jurgen Delnaet kropen in de huid van Gaston Berghmans en Leo Martin. De voorstelling wist in korte tijd meer dan 10.000 tickets te verkopen. Na het verdwijnen van Judas TheaterProducties bleek er dus toch opnieuw ruimte te zijn voor een producent die eigen Vlaamse verhalen op de planken wilde brengen.


Deep Bridge bleef ondertussen internationale repertoiretitels combineren met eigen creaties. In het voorjaar van 2024 bracht het productiehuis de eerste professionele Vlaamse versie van “Hairspray” naar Antwerpen, Gent en Hasselt. Het bedrijf bleef hiermee inzetten op de formule die het sinds zijn oprichting had uitgebouwd: bekende internationale musicaltitels voorzien van een eigen Vlaamse cast en een eigen artistieke invulling.


Oude titels in een nieuw kleedje

Studio 100 keek in 2024 opvallend vaak terug naar zijn eigen musicalverleden. In De Panne werd “Sneeuwwitje”, de musical waarmee het bedrijf in 1998 aan zijn musicalavontuur begon, na meer dan 25 jaar opnieuw opgevoerd. Ianthe Tavernier nam de titelrol voor haar rekening en Michiel De Meyer speelde de prins. Hiermee werd ook de vroegere traditie van de grote Studio 100-sprookjesmusicals opnieuw leven ingeblazen.


Een veel grotere herneming kwam er op 2 juni 2024 met een volledig vernieuwde versie van “14-18”. De oorspronkelijke voorstelling uit 2014 kreeg nieuwe muziek, nieuwe decors en werd aangepast aan de technische mogelijkheden van het Pop-Up Theater. De rijdende tribunes die ondertussen het handelsmerk van de Studio 100-spektakelmusicals waren geworden, maakten van de herneming veel meer dan een eenvoudige kopie van het origineel.


De belangstelling bleek opnieuw bijzonder groot. Enkele weken voor de première waren al ongeveer 100.000 tickets verkocht. Toen de voorstelling in het voorjaar van 2025 aan haar laatste speelperiode begon, stond de teller al boven de 180.000. Uiteindelijk werden meer dan 200.000 tickets voor deze nieuwe versie verkocht.


Eind 2024 koos Studio 100 dan weer voor een heel ander soort nostalgie. “Tien Om Te Zien, De Musical” bouwde een fictief verhaal rond het bekende VTM-programma en een hele reeks Vlaamse hits uit de jaren tachtig en negentig. De formule lag in het verlengde van “Vergeet Barbara”, waarin de muziek van Will Tura centraal stond. Geen historische oorlogstaferelen of grote emigratieverhalen deze keer, maar herkenning, humor en Vlaamse populaire muziek.


De musical ging op 8 december 2024 in première en kreeg al snel extra voorstellingen. Daarmee leek Studio 100 opnieuw een formule gevonden te hebben waarmee ook bezoekers bereikt werden die zichzelf misschien niet onmiddellijk als musicalfan zouden omschrijven.


Het einde van het Pop-Up Theater

Maar terwijl de voorstellingen zelf succesvol bleven, volgde in oktober 2024 onverwacht het nieuws dat het Studio 100 Pop-Up Theater in 2025 definitief zou sluiten.


Het gebouw was in 2018 oorspronkelijk neergezet als tijdelijke locatie voor “40-45”, maar bleef door het enorme succes veel langer bestaan dan voorzien. In zeven jaar tijd werden er “40-45”, “Daens”, “Vergeet Barbara”, “Red Star Line”, “14-18” en “Tien Om Te Zien” gespeeld. Daarnaast vonden er televisieopnames, concerten, bedrijfsevenementen en zelfs internationale evenementen plaats.


Op 13 april 2025 werd de laatste “14-18” gespeeld. Daarna kreeg “Tien Om Te Zien” de eer om in juni de allerlaatste musical in het gebouw te worden.

Op 15 juni 2025 viel het doek definitief.


In totaal waren in zeven jaar tijd ongeveer twee miljoen bezoekers langsgekomen in het theater. Op het eerste gezicht lijkt het dan ook vreemd dat een locatie met dergelijke bezoekerscijfers moest verdwijnen. Maar opnieuw bleek hoe moeilijk de economische realiteit van musical in Vlaanderen kan zijn.


Studio 100 gaf zelf aan dat de kosten voor het gebouw steeds hoger werden, terwijl de inkomsten niet in dezelfde verhouding toenamen. Ook de tijdelijke vergunning liep af en voor een verlenging waren bijkomende investeringen in onder andere brandveiligheid nodig. Daarbovenop kwam het probleem dat de Vlaamse markt te klein is om verschillende keren per jaar een volledig nieuwe miljoenenproductie voor hetzelfde publiek te lanceren.


Het Pop-Up Theater was hiermee tegelijk één van de grootste successen én één van de beste illustraties van het probleem waarmee de Vlaamse musical al tientallen jaren worstelt.

Er is wel degelijk een groot publiek voor musical. Alleen is dat publiek niet oneindig groot.


De kwetsbare commerciële markt

Deep Bridge bleef na de coronaperiode een van de belangrijkste andere professionele musicalproducenten. Na “Hairspray” volgde in het voorjaar van 2025 de eerste Vlaamse productie van “Pretty Woman, De Musical”, met Helle Vanderheyden en Tom Dingenen in de hoofdrollen. De musical speelde achtereenvolgens in Antwerpen, Gent en Hasselt.


Eigenlijk had Deep Bridge in die periode opnieuw “Mamma Mia!” willen brengen, maar die productie moest worden uitgesteld. “Pretty Woman” schoof daardoor naar voren als grote voorjaarsmusical, terwijl voor “Mamma Mia!” nieuwe speeldata werden gezocht.


In het najaar van 2025 werd echter duidelijk dat ook bij Deep Bridge de financiële werkelijkheid achter de schermen veel minder rooskleurig was dan een volle productieagenda deed vermoeden. VRT NWS berichtte na onderzoek over financiële moeilijkheden en betalingsachterstanden bij het productiehuis. Vanuit Deep Bridge werd onder meer gewezen naar de lange nasleep van corona, de inflatie en de sterk gestegen kosten van zalen, personeel, materiaal en musicalrechten.


Daarmee herhaalde de geschiedenis zich eigenlijk opnieuw. Van Music Hall over Musical van Vlaanderen en Judas TheaterProducties tot Deep Bridge: telkens weer blijkt dat artistiek succes, bekende namen en volle zalen niet automatisch betekenen dat er ook financieel veel marge overblijft.

Toch betekenden de problemen niet het einde van Deep Bridge.


En de musical blijft spelen

Op 4 maart 2026 keerde “Mamma Mia!” uiteindelijk terug naar Vlaanderen. De productie speelde in Hasselt, Antwerpen en Gent en wist opnieuw tienduizenden tickets te verkopen. Maike Boerdam speelde Donna, naast onder anderen Nathalie Meskens, Maja Van Honsté, Chris Van Tongelen en Lotte De Clerck. Stany Crets stond opnieuw in voor de regie en vertaling.


Deep Bridge bleef daarnaast ook investeren in familiemusicals. In mei 2026 ging “Roodkapje” van start en voor het einde van het jaar werd een volledig nieuwe Vlaamse musicalversie van Charles Dickens’ “Oliver Twist” aangekondigd. Nordin De Moor kreeg daarin de rol van Fagin en een groot aantal jonge Vlaamse musicalspelers werd voor de productie gecast. De eerste try-outs staan vanaf 6 november 2026 gepland, gevolgd door de Antwerpse première in december.


In augustus 2026 liet Deep Bridge zelf weten dat het, na enkele moeilijke jaren, opnieuw met vertrouwen naar de toekomst kijkt. Het productiehuis stelt jaarlijks ongeveer 150.000 bezoekers te ontvangen en maakte ondertussen ook plannen bekend voor nieuwe producties in 2027.


Ook Studio 100 keerde in 2026 opnieuw naar zijn musicalverleden terug. Meer dan twintig jaar na de oorspronkelijke productie werd “Doornroosje” in een volledig vernieuwde versie opgevoerd in het Studio 100 Theater in De Panne. Diede van den Heuvel nam de titelrol over die in 2002 nog door Free Souffriau werd gespeeld. Souffriau keerde zelf terug als koningin en K3 speelde de drie goede feeën.

De nostalgische formule bleek opnieuw te werken. Tegen midden juli waren er al meer dan 80.000 tickets verkocht en werden extra voorstellingen toegevoegd.


Maar misschien kwam het belangrijkste nieuws voor de toekomst van de grote Vlaamse musical in maart 2026. Studio 100 maakte toen bekend te werken aan een nieuw tijdelijk theater op het domein van Sport Vlaanderen in Hofstade. Het wordt geen kopie van het Pop-Up Theater in Puurs en de bekende rijdende tribunes keren er niet terug, maar het moet opnieuw een locatie worden waar grote eigen musicalproducties gedurende langere tijd kunnen spelen.


In mei 2026 werd meteen ook de eerste productie aangekondigd. “Hallo Radio 2!” wordt een nieuwe Vlaamse feelgoodmusical rond de beginjaren van Radio 2 en moet in maart 2027 het nieuwe theater openen.


Daarmee lijkt de cirkel opnieuw rond.

Toen het Pop-Up Theater in 2025 zijn deuren sloot, leek even ook een bijzonder hoofdstuk uit de Vlaamse musicalgeschiedenis afgesloten. Amper een jaar later werden alweer plannen gemaakt voor een nieuw theater, nieuwe producties en nieuwe Vlaamse verhalen.


Anno 2026 is de Vlaamse musical dan ook tegelijk springlevend en bijzonder kwetsbaar. Er is talent, er is een publiek en er zijn producenten die telkens opnieuw het financiële risico durven nemen. Maar de markt blijft klein, de productiekosten blijven stijgen en zekerheid bestaat eigenlijk nooit.

Misschien is net dat ondertussen de enige echte constante in de Vlaamse musicalgeschiedenis: het doek valt regelmatig, maar nooit voor lang.


En daarnaast

In deze beknopte Vlaamse musicalgeschiedenis kreeg u een beperkt beeld van het Vlaamse musicallandschap, er zijn echter verschillende noemenswaardige productiehuizen en amateurgroepen die het aandurven groots opgezette spektakels of juist met weinig middelen internationale topproducties naar Vlaanderen te brengen.


Een overzicht bieden van alles wat er heeft geleefd de afgelopen jaren in het Vlaamse musicallandschap is quasi onmogelijk, ik ben dus per definitie een aantal spelers op de musicalmarkt vergeten te vermelden.


Samengevat kunnen we stellen dat Vlaanderen een kleine markt is voor dure musicalproducties en dat het slechts enkele productiehuizen gegeven is om de financiële inspanningen zonder subsidie van de overheid beloond te zien worden.


​(Deze tekst is deels gebaseerd op een artikel dat Guy Van Vliet schreef voor het voormalige musicalsite.be)

Aangemaakt op:

21 jun 2023

Laatst aangepast:

26 aug 2026

bottom of page