Toneelwoordenboek

Theatertermen uitgelegd
Zoek de betekenis van woorden uit de wereld van toneel, acteren, regie, theatertechniek en dramaturgie.
Typ een beginletter of een volledig woord om te starten
Niet gevonden wat je zocht? Neem zeker contact met me op.
Geen resultaten voor deze zoekopdracht...
Deiktisch
Verwijzend naar iets dat alleen duidelijk wordt vanuit de speelsituatie, zoals de spreker, de aangesprokene, de plaats, de tijd of een aanwijzend gebaar. Woorden als “ik”, “jij”, “hier”, “daar” en “nu” zijn deiktisch omdat hun betekenis verandert naargelang wie ze zegt en waar of wanneer ze worden uitgesproken.
Deurenkomedie
luchtig toneelstuk, waarin de personages verstrikt raken in allerlei intriges;
In dergelijke stukken zijn er vaak meedere deuren in het decor voorzien langswaar personages verwacht en onverwacht kunnen binnen- en buitengaan.
Deus ex machina
Persoon of zaak die zonder logische aanleiding de ontknoping van een verhaal bepaalt. Letterlijk: God uit de machine.
Deuteragonist
Tweede belangrijkste personage in een toneelstuk.
Dialoog
Tweespraak, een gesprek tussen twee personages, vaak voortgedreven door conflict.
