Personages in een toneelstuk: 
Protagonist, deuteragonist, tritagonist en antagonist...

Bij het ontstaan van het theater in de tijd van de Oude-Griekse theaters bestonden dramatische voorstellingen voornamelijk uit dans en uit het koor dat teksten declameerde. Dit gegeven veranderde echter toen Thespis op het idee kwam om een acteur naar voren te laten treden en in dialoog te gaan met het koor. Zo is de klassieke Griekse tragedie ontstaan, rond 536 voor Christus. Later zou de poëet Aeschylus een tweede speler introduceren waardoor er een dialoog tussen twee personages kon plaatsvinden. Sophocles creëerde tenslotte stukken waarin een derde acteur werd geïntroduceerd. Zo kunnen er in de beginjaren van het theater drie belangrijke spelers worden onderscheiden. De eerste speler wordt ook wel Protagonist genoemd, de tweede speler deuteragonist en naar de derde speler wordt vaak verwezen als tritagonist.

Protagonist

De protagonist is het hoofdpersonage dat op zoek gaat naar de oplossing voor een probleem dat bij aanvang van het toneelstuk ontstaat. Tijdens het toneelstuk komen we veel informatie over dit personage te weten, vaak meer dan over de andere personages. De weg die dit personage aflegt om zijn doel te bereiken is opgebouwd uit verschillende 

hindernissen die hij moet overwinnen. Uiteindelijk zal na een climax bepaald worden of dit personage in zijn opzet is geslaagd en welke gevolgen dit voor zijn verdere leven heeft.

Lees ook: Toneelstukken schrijven, een online cursus.

 

Antagonist

De antagonist is het personage dat de protagonist zal hinderen in het bereiken van zijn doel. Dit personage, hoewel niet altijd noodzakelijk een mens van vlees en bloed, maar in sommige gevallen ook een natuurelement of een begrip, zal tijdens het toneelstuk zodanig handelen dat de protagonist het moeilijker krijgt om zijn doel te bereiken.

 

Vaak wordt naar deze personages verwezen als “de goede” en “de slechte” Hoewel in vele toneelstukken deze stelling opgaat is dit niet altijd het geval. Begrippen zoals goed en slecht zijn erg zwart-wit, wat maakt dat het onderscheidt tussen de twee vaak moeilijk te zien is. Is een protagonist altijd goed, en maakt deze nooit fouten? Kan een antagonist niet vanuit goede bedoelingen het hoofdpersonage hinderen? Een klassiek voorbeeld waarin de grens tussen goed en kwaad erg dun wordt is Les Misérables waarin dwangarbeider Jean Valjean na zijn voorwaardelijke vrijlating weet te ontsnappen aan de plichtsbewuste politie-inspecteur Javert. Hoewel in dit verhaal Valjean de protagonist is, die de fouten uit zijn verleden probeert recht te zetten, is hij wel schuldig aan een misdrijf. Javert daarentegen doet enkel zijn job, en probeert in die hoedanigheid Valjean terug te arresteren omdat hij de wet heeft overtreden.

 

Deuteragonist en Tritagonist

De deuteragonist en tritagonist zijn de tweede en derde belangrijkste personages in een toneelstuk. Hoewel zij vaak zullen optreden als medestanders van het hoofdpersonage kunnen zij gaandeweg evolueren tot tegenstanders, afhankelijk van waar het conflict van het hoofdpersonage hen brengt. De beslissingen die de protagonist maakt om zijn hindernissen te overwinnen zijn vaak bepalend voor zijn relatie met de deuteragonist en tritagonist.

 

Deze personages vormen de kern van een toneelstuk. Tegenwoordig worden toneelstukken verder aangevuld met verschillende personages die elk hun doel hebben binnen het verhaal van de Protagonist.

Informatie afkomstig van:

Lees ook:

- Een toneelvoorstelling maken, alles wat je moet weten.

- Soorten toneel, klucht of komedie, drama of tragedie.

  • Facebook
  • Instagram
  • YouTube

Toneelschrijver Stijn Cuypers, 2650 Edegem (België), info@toneelschrijver.be